Brainstorm: Andrew Keen en David Weinberger
zaterdag, 4 augustus 2007
We verdrinken in informatie tegenwoordig. En al die informatie genereert alleen nog maar meer informatie. Wat moeten we met al die keus? Kunnen we wel kiezen? Maken we de goede keuzes? Kunnen we met een gerust hart bepaalde informatie buitensluiten? Dat is best lastig en persoonlijk raak ik er ook wel eens flink gestrest van.
Maar voordat we keuzes maken moeten we de informatie of dat wat we zoeken kunnen vinden. Het moet dus goed gecategoriseerd zijn. Op het internet gebeurt dat o.a. d.m.v. het toekennen van metadata aan de data. Dus dat wat je zoekt kunnen vinden door het toekennen van steekwoorden en korte omschrijvingen; taggen.
Het web maakt dat we anders moeten gaan denken. Daar kunnen dingen die we in de niet virtuele wereld niet kennen: hetzelfde ding kan op meerdere plaatsen tegelijk aanwezig zijn. Dit zijn we helemaal niet gewend. We zijn gewend om alles op te delen en onder te verdelen in vaste categorieën en plaatsen. Omdat het om fysiek aanwezige dingen ging. Of over gedachtengoed geplaatst in een fysieke omgeving of fysiek product. Een boek, een film etc.
Tijdens het indelen en organiseren wordt er meteen benoemd wat wel en niet belangrijk is. En hier wordt het in de niet virtuele wereld meteen politiek zou je kunnen zeggen. Er is beslist door een ander. Een organisatie, een bedrijf, de overheid.
Doordat we experts nodig hadden om alles onder te verdelen in deze fysieke wereld, kregen zij macht. Nu zijn het niet meer alleen deze mensen die de boel organiseren: de massa heeft zijn invloed.
Everything is Miscellaneous
Hier heeft David Weinberger (co-auteur van ‘The Cluetrain Manifesto‘) het over in zijn nieuwe boek “Everything is Miscellaneous: The Power of the New Digital Disorder”.
Een belangrijk thema in zijn boek is metadata. Hij denkt dat het er vooral om gaat hoe we deze enorme stapel aan dingen die het internet biedt categoriseren. Zodat we daadwerkelijk kunnen vinden wat we zoeken en het kunnen organiseren zoals we dat graag zien.
Cory Doctorow van Boing Boing interviewt hij hierover in zijn serie podcasts
Toch gelooft David Weinberger in de digitale revolutie en in de toegevoegde waarde van de massa.
Andrew Keen, de schrijver van: The cult of the Amateur: How today’s internet is killing our culture, gelooft hier niet in. Keen is bang dat we door deze digitale revolutie nou juist weer terug vallen in de waarden van de middeleeuwen.
Keen gelooft dat de toegang die er gekomen was voor de massa tot informatie, educatie en cultuur, eerder afneemt.
Daarom worden de heren graag samen geïnterviewd, zodat ze elkaar lekker in de haren kunnen zitten.
Zoals ze ook deden in dit interview waar ze het hebben over ‘The value of authority in a connected world’.
Macht. Het zal er altijd zijn zegt Andrew Keen.
Max Weber, Duits socioloog, stelde dat wat de macht uiteindelijk bepaalt, onder te verdelen is in de volgende 4 begrippen: traditie, religie, charisma en de wet.
Cultuur en educatie voor de massa
Keen is bang voor juist een groter verschil tussen de digitaal ‘geletterden en ongeletterden’ en juist een toename van hiërarchieën.
Hij gelooft ook waar het om schaarste gaat, dat talent de grootste schaarste vormt. En hij gelooft ook in een toename van informatieschaarste en educatieschaarste in plaats van een afname.
Hij voorziet hierin enorme contrasten tussen arm en rijk.
Hij ziet het democratische utopia van David Weinberger en Chris Anderson met zijn Long Tail theorie niet.
Hij ziet vooral grenzen en hindernissen. Daar waar de anderen kansen zien.
Hij spreekt van een digitale aristocratie, waartoe hijzelf ook zegt te behoren. (En waarschijnlijk iedereen die dit leest?)
Een aristocratie vergelijkbaar met de middeleeuwse, die Latijn sprak, veelvuldig op reis was en gevoel verloor met de rest van de gemeenschap.
Community’s met hiërarchieën, minder gesprekken meer fragmentatie. Hij denkt niet dat het meer democratie, meer gelijkheid en meer mogelijkheden biedt.
Hij beziet de digitale revolutie en is bang dat het niet goed is.
Eigenlijk zegt hij tegen Weinberger:”, I wish you were right but I am so afraid you are not”
Andrew Keen gelooft dat degenen die vroeger hun mening konden geven en de macht hadden ook daadwerkelijk expertise hadden.
Dit waag ik persoonlijk ernstig te betwijfelen. Ik zie het vaak om me heen, het zijn vaak helemaal niet de besten en de slimsten die het meeste te vertellen hebben.
Net zoals het ook opvallend is dat de rijkste mensen helemaal vaak niet de meest intelligente zijn.
Je kunt de expertise van het publiek inderdaad zoals Keen doet, betwijfelen door te zeggen dat er een hoop ‘nono’s’ zijn die lijden aan grootheidswaan. Maar het is ook mogelijk via die weg de werkelijke experts te benaderen en toegang te bieden.
Bovendien moest er vroeger toch ook gevochten worden en won ook degene met de langste adem en de beste vrienden.
Keen stelt dat mensen het nodig hebben opgeleid te worden aan de hand genomen te worden door experts en dat dit niet meer gebeurt op deze manier van informatie presentatie. Iedereen is een expert die zegt dat te zijn. En kan iedereen het onderscheid wel maken tussen de echte expert en de opschepper?
Wat Keen wel aan Weinberger toegeeft is dat hij wel wat nostalgisch is en de oude media idealiseert.
Weinberger merkt terecht op dat Keen het beste van de ‘mainstream culture’ vergelijkt met het slechtste van ‘webculture’.
En dat dit natuurlijk geen goede vergelijking is.
De traditionele media bracht talent en intelligentie samen; het was duidelijk waar het te vinden en wie het waren. Welke kranten, boeken, films en televisieprogramma’s te zoeken om bepaalde dingen te kunnen lezen. Het niveau en de afzender waren duidelijk.
En bestond uit een beperkte groep aanbieders.
Vroeger waren de kanalen niet gelijkwaardig en kon je nooit op de zelfde manier opvallen en aandacht krijgen als hooggeplaatste figuren. Nu is het mogelijk je kritische mening naast de mening van de oorspronkelijke spreker te plaatsen. Misschien worden dingen hierdoor inderdaad ingewikkelder gemaakt, zoals Keen stelt.
Waar het Keen eigenlijk om gaat is dat hij niet gelooft in de Long Tail en vooral niet in het deel dat het economische waarde heeft en geld opleveren kan. Hij ziet gewoon niet hoe mensen geld moeten verdienen met al die OPEN systemen en modellen.
De muziekindustrie is hierin de toonaangevende industrie.
Zodra die een model heeft gevonden om zich en iedereen eromheen te financieren naar ieders welbevinden, dan is er een nieuw economisch model gevonden dat opgaat voor …misschien wel alles.
Dit alles doet mij denken aan mijn eigen brainstorm van een aantal weken geleden waarin ik het heb over taggen van rollen van mensen:
Waardering
Het is slim om mensen te tonen dat ze niet tot 1 groep behoren, bijv. naar afkomst, maar ze de waardering te geven die ze toekomt.
Op het internet worden onderwerpen ook niet meer op 1 hoop gegooid, in 1 categorie onderverdeeld, maar ze krijgen meerdere tags.
Dit is hoe mensen ook liever onderverdeeld willen worden. Daarnaast heb je naast deze vaste tags, ook wisselende tags. Die kunnen veranderen doordat mensen bewegen, een andere activiteit uitoefenen en of in een andere gemoedstoestand verkeren.
Dit zal allemaal hun behoefte beïnvloeden. Deze continu wisselende behoeften creëeren een markt. Producten die naar wisselende behoefte benaderd moeten kunnen worden.
Eind september komen Andrew Keen en David Weinberger naar Amsterdam, voor ‘The Cross Media Conference’ Picnic 07.
